Ontmoedigen kortlopend pachten

maandag 15 april 08:50
Terug naar nieuws
Ontmoedigen kortlopend pachten
De minister van Landbouw wil het pachtbeleid herzien. De pachtprijzen bij kortlopende pacht blijken te hoog voor pachters. Daardoor levert langlopende pacht in verhouding te weinig op voor verpachters, waardoor de stimulans ontbreekt om langdurige contracten aan te gaan.

Langdurige pacht wordt standaard

iging van het pachtbeleid van het kabinet is onlangs naar de Tweede Kamer gestuurd (d.d. 22 maart 2019). De minister maakt haar wens kenbaar om de maximale termijn van zes jaar voor kortdurende liberale pacht - contracten van zes jaar of korter met vrije prijsvorming - te schrappen. Daarmee moet er een nieuwe vorm van langdurige pacht komen en tot standaard gemaakt worden. Dit gaat gepaard met meer vrijheid inzake de prijs.

Kortlopende pacht wordt juist ontmoedigd en zal wellicht slechts in heel specifieke gevallen mogelijk zijn. De reguliere pacht en de teeltpacht blijven bestaan. Daarnaast wordt een loopbaanpacht geïntroduceerd. Het kabinet is van mening dat door de voorstellen de positie van (jonge) boeren verbetert.

Verbeteren bodemkwaliteit

Het kabinet zet ook in op het verbeteren van de bodemkwaliteit. Verpachters moeten de mogelijkheid krijgen om hier eisen aan te stellen en pachters moeten gestimuleerd worden om te investeren in de bodem.

Geen overeenstemming

Eerder bereikten vertegenwoordigers van pachters en verpachters geen overeenstemming over een nieuw pachtbeleid. Een akkoord over de invoering van flexibele pacht werd niet bereikt. Bij de flexibele pacht zouden ook gebouwen geliberaliseerd verpacht kunnen worden en kon de pachtprijs worden getoetst.

Conceptwetsvoorstel in de maak

Met de brief van minister Schouten van Landbouw zijn de oplossingsrichtingen duidelijk. Naar aanleiding van gesprekken met de Tweede Kamer en belanghebbenden zal de minister nog dit jaar een conceptwetsvoorstel in consultatie doen.

Let op! De hoofdlijnen herziening pachtbeleid, zoals genoemd in de brief van 22 maart 2019, staan nog niet vast. Een wetsvoorstel volgt.